Maandelijks archief: februari 2016

De bancaire lijfrente

De bancaire nabestaandenlijfrente is een lijfrente waarvan de termijnen toekomen aan een natuurlijk persoon en ingaan bij het overlijden van de rekeninghouder of zijn (gewezen) partner.

Bij de bancaire nabestaandenlijfrente wordt onderscheid gemaakt tussen het overlijden van de rekeninghouder en het overlijden van de (gewezen) partner. Ook is van belang of het overlijden tijdens de opbouwfase of tijdens de uitkeringsfase heeft plaatsgevonden.

 

Het overlijden van de partner tijdens de opbouwfase

 

Het door het overlijden van de partner vrijgekomen kapitaal kan door de rekeninghouder worden aangewend voor een nabestaandenlijfrente. De rekeninghouder is hiertoe niet verplicht. Kiest de rekeninghouder voor een nabestaandenlijfrente, dan moet deze lijfrente binnen zes maanden na het overlijden van de (gewezen) partner ingaan. De termijnen van deze nabestaandenlijfrente moeten toekomen aan de rekeninghouder en de periode tussen de eerste en de laatste termijn moet ten minste vijf jaar zijn.

 

Het overlijden van de rekeninghouder tijdens de opbouwfase

 

Het door het overlijden van de rekeninghouder gedeblokkeerde tegoed moet door de erfgenaam aangewend worden voor een nabestaandenlijfrente. De nabestaandenlijfrente moet binnen een periode van het jaar van overlijden plus de daaropvolgende twee kalenderjaren ingaan (wettelijke beslistermijn). Van belang is wie de erfgenaam is om te kunnen bepalen welke nabestaandenlijfrente kan worden aangekocht.

 

Er zijn drie mogelijkheden:

 

  1. De erfgenaam is een bloed- of aanverwant in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn, niet zijnde de partner, die jonger is dan 30 jaar. Hieronder vallen bijvoorbeeld de kinderen, broers en zussen en ooms en tantes. De nabestaandenlijfrente moet aan de volgende voorwaarden voldoen:
  •  de termijnen moeten direct na het overlijden van de rekeninghouder ingaan; en
  •  de periode tussen de eerste en de laatste termijn bedraagt ten minste vijf jaar, maar nooit meer dan het aantal jaren dat deze bloed- of aanverwant jonger is dan 30 jaar ten tijde van het uitkeren van de eerste termijn (dus maximaal tot en met het jaar waarin de nabestaande 30 jaar wordt); of
  •  de periode tussen de eerste en de laatste termijn bedraagt ten minste twintig jaar.

De erfgenaam kan in dit geval dus kiezen voor welke duur hij een uitkering aan wil kopen.

  1. De erfgenaam is een bloed- of aanverwant in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn, niet zijnde de partner, die ouder is dan 30 jaar. De nabestaandenlijfrente moet aan de volgende voorwaarden voldoen:
  •  de termijnen moeten direct na het overlijden van de rekeninghouder ingaan; en
  •  de periode tussen de eerste en de laatste termijn bedraagt ten minste twintig jaar.
  1. De erfgenaam is de partner van de rekeninghouder of de erfgenaam is een natuurlijk persoon, maar geen bloed- of aanverwant in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn. De nabestaandenlijfrente moet aan de volgende voorwaarden voldoen:
  •  de termijnen moeten direct na het overlijden van de rekeninghouder ingaan; en
  •  de periode tussen de eerste en de laatste termijn bedraagt ten minste vijf jaar.

 

Het overlijden van de rekeninghouder tijdens de uitkeringsfase
Bij het overlijden van de rekeninghouder tijdens de uitkeringsfase komen de nog niet uitgekeerde termijnen toe aan de wettelijke of testamentaire erfgenamen. Zij zullen de nog uit te keren termijnen periodiek ontvangen zoals dat met de rekeninghouder was overeengekomen. Mocht in de tussentijd ook de erfgenaam komen te overlijden, dan vererft het recht op de nog niet uitgekeerde termijnen wederom. Hierdoor treedt, in tegenstelling tot bij de verzekerde nabestaandenlijfrente, geen kapitaalverlies op. Bij een verzekerde nabestaandenlijfrente kan dit kapitaalverlies overigens worden afgedekt met een contraverzekering (overlijdensrisicoverzekering). Dit brengt wel extra kosten met zich mee.

Ik kan mij voorstellen dat dit een ingewikkeld verhaal voor je is, mocht je advies daarover willen hebben, neem dan contact met mij op!

Met vriendelijke groeten, Wilbert Boon

 

In Europa pensioen opgebouwt?

Ik krijgen wel eens vragen binnen van bezoekers van onze website. Die vragen variëren van een simpele vraag zoals “onder welk bedrijfstakpensioenfonds valt bedrijf x” tot complexe pensioenvraagstukken waarbij complete pensioendossiers naar ons toe worden gestuurd.

Ik streef er naar om onze bezoekers zo goed mogelijk te helpen met deze vragen en ze daarmee wegwijs te maken in de wereld van pensioen. Tegelijkertijd probeer ik te voorkomen dat ik  een vraag dubbel moeten beantwoorden. De antwoorden op de vragen van mijn bezoekers worden dan ook, indien mogelijk, verwerkt in de informatie op onze website.

De laatste tijd krijgen ik  steeds meer vragen over pensioen dat in het buitenland is opgebouwd.“Ik heb x jaren gewerkt in België, heb ik daar eigenlijk pensioen opgebouwd”? En ook het omgekeerde gebeurt regelmatig, buitenlanders die navraag doen naar een in Nederland opgebouwd pensioen.

De komende maanden zal dit Europese Pensioenregister verder worden uitgebreid. We willen daarmee vooral het goede voorbeeld geven aan de Europese Unie en mensen met een grensoverschrijdend pensioen nu al helpen. Voor de doorontwikkeling van de site zijn we momenteel op zoek naar mensen / bedrijven die hier inhoudelijk en / of financieel aan willen bijdragen. Meer informatie of direct aanmelden hiervoor? Neem dan contact met mij op!

De nabestaandenlijfrente

De Nabestaandenlijfrente

Een nabestaandenlijfrente is een lijfrente uitkering die bedoeld is om inkomensterugval op te vangen bij het overlijden van de verzekeringnemer of diens (gewezen) partner. De uitkeringen van de nabestaandenlijfrente moeten toekomen aan een natuurlijk persoon. Als verzekerde kunnen de verzekeringnemer zelf of zijn (gewezen) partner optreden. De uitkeringen moeten direct ingaan bij het overlijden van de verzekerde. Een nabestaandenlijfrente hoeft in één situatie niet direct in te gaan: als de overblijvende partner recht heeft op een Anw-uitkering, is het mogelijk de uitkeringen na het overlijden van de verzekerde uit te stellen. Dit uitstel is uiterlijk mogelijk tot:

  • het bereiken van de 18-jarige leeftijd van het jongste kind van de begunstigde;
  • het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd van de Anw-gerechtigde die geboren is vóór 1 januari 1950;
  • het bereiken van de 21-jarige leeftijd van het kind dat recht heeft op een Anw-wezenuitkering en begunstigde is voor een nabestaandenlijfrente;
  • het eindigen van het recht op de Anw-uitkering.

Looptijden van een Nabestaandenlijfrente

De verzekeringnemer is vrij om te bepalen wie hij als begunstigde op een nabestaandelijfrente opneemt. Maar het moet wel een natuurlijk persoon zijn. De uitkering kan levenslang of tijdelijk zijn. Bij een tijdelijke uitkering moet de looptijd worden gebaseerd op het 1% sterftekans criterium. Dat betekent dat de looptijd dusdanig lang moet zijn, dat er sprake is van een 1% kans op overlijden van de verzekerde. Komen de uitkeringen toe aan een bepaalde groep verwanten (naaste familiekring)? Dan gelden nadere voorwaarden voor de duur van de uitkeringen. Onder deze groep van verwanten vallen de bloed- en aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn, met uitzondering van de (gewezen) partner. Hiertoe behoren:

  • de wederzijdse ouders;
  • (over)grootouders;
  • (klein)kinderen;
  • broers en zusters;
  • ooms en tantes;
  • de kinderen van broers en zusters.

Aanverwanten van een persoon zijn de bloedverwanten van de partner (schoonfamilie). Bij deze groep mogen de uitkeringen uitsluitend eindigen bij het overlijden van de gerechtigde (levenslang) of uiterlijk op het tijdstip waarop deze de leeftijd van 30 jaar bereikt. Aangezien de statistische overlijdenskans voor kinderen tot de 30-jarige leeftijd bijzonder klein is, bestaat de kans dat de tijdelijke lijfrente niet voldoet aan het 1%-criterium. Voor deze vorm geldt het 1%-criterium dan ook niet.

Een voorbeeld

Alex heeft een nabestaandenlijfrente op zijn leven gesloten met zijn twee zoons als begunstigden. Stel dat hij komt te overlijden op het moment dat zijn kinderen 33 en 25 jaar zijn. De 25-jarige zoon kan na het overlijden van zijn vader een lijfrente afsluiten die tijdelijk of levenslang kan zijn. Hij heeft daarbij de vrije keuze. Als hij voor een tijdelijke lijfrente kiest, dan dient deze uiterlijk te eindigen op het moment dat hij 30 jaar wordt. De lijfrente die de 33-jarige zoon ontvangt, moet in minimaal 20 jaar uitgekeerd worden.

Zou je hier meer over willen weten of wellicht advies willen hebben, neem dan contact met mij op! Met vriendelijke groet, Wilbert Boon

Pensioen en scheiden wat moet ik er in godsnaam mee, ja dit!

 

echtscheiding

 

Wat is conversie?

Conversie betreft een volledige breuk met uw ex-partner voor wat betreft de verdeling van pensioenrechten bij echtscheiding. Ieder krijgt toebedeeld een separaat deel van het pensioen, zonder dat dit gebonden is aan de leeftijd of het in leven zijn van de ex-partner.

Afwijkende regeling

Met conversie wijkt u via een regeling in het echtscheidingsconvenant af van de wettelijke pensioenregeling. Bij conversie wordt het aandeel in het ouderdomspensioen en de waarde van het eventuele bijzonder nabestaandenpensioen omgezet in één pensioenrecht voor de ex-partner.

Voordelen van conversie

Conversie kan voor de ex-partner aantrekkelijk zijn, omdat u dan niet afhankelijk bent van de pensioengerechtigde leeftijd van uw ex-partner. Bij de pensioenverdeling op de Wet verevening Pensioenrechten gaat het ouderdomspensioen in zodra de ex-partner waarvan u pensioen krijgt, 67 wordt (of pensioengerechtigd is). Het maakt hierbij dus niet uit of u zelf 20 of 67 jaar bent.

Nadelen van conversie

Conversie kan echter ook nadelig zijn, omdat de ex-partner na het overlijden van de voormalige partner het nabestaandenpensioen misloopt. De ex-partner die voor conversie kiest, moet dus volledig in het eigen onderhoud kunnen voorzien. In veel situaties waarin partneralimentatie wordt ontvangen na een scheiding, is dit echter niet het geval.

Conversie kan ook nadelen hebben voor degene die het pensioen heeft opgebouwd. Bij de Wet Verevening Pensioenrechten zou u na overlijden van uw ex-partner weer uw volledige ouderdomspensioen krijgen. Bij conversie gaat dat echter niet op, want u doet definitief afstand van de helft van uw ouderdomspensioen. Door conversie kan de ex-partner dus beter de pensioenuitkering laten aansluiten aan zijn/haar persoonlijke situatie en is de financiële toekomst beter te plannen. Het recht op het bijzonder nabestaandenpensioen gaat hiermee wel verloren voor de ex-partner. Bij conversie verandert de situatie dus niet als de ex-partner overlijdt, bij de Wet Verevening Pensioenrechten is dit wel het geval. Laat u tijdens deechtscheidingsprocedure hierover goed informeren, zodat u een weloverwogen beslissing kunt nemen. Wij adviseren u hierover graag.

Wanneer is conversie aan te raden?

  • Als de partners niets meer met elkaar te maken willen hebben, is conversie aan te raden: de pensioenband tussen de partners wordt definitief verbroken.
  • De mogelijkheid van conversie kunt u overwegen indien de ex-partner die het ouderdomspensioen heeft opgebouwd en aanzienlijk ouder is dan de ander. Hierdoor is de kans groot dat de oudere ex-partner als eerste overlijdt, waardoor de overgebleven partner geen ouderdomspensioen meer ontvangt. Bij conversie is de uitkering van het ouderdomspensioen niet afhankelijk van de leeftijd of het overlijden van de partner.
  • Conversie is ook een goede oplossing als de partner die het ouderdomspensioen niet heeft opgebouwd, niet financieel afhankelijk is van partneralimentatie.

Wanneer is conversie af te raden?

  • Als de partner die het ouderdomspensioen heeft opgebouwd aanzienlijk jonger is, dan is conversie een minder voor de hand liggende keuze. In dit geval is de kans groot dat de oudere ex-partner eerder overlijdt. In dat geval heeft de overgebleven ex-partner geen recht meer op volledige ouderdomspensioen.
  • Bij conversie vervalt het recht op partnerallimentatie bij overlijden van de ex-partner. Als de overgebleven partner afhankelijk is van bijvoorbeeld de alimentatie van de ex-partner, is conversie in de meeste gevallen af te raden.

Mag ik je helpen?

Als u gaat scheiden, is er wellicht weinig aandacht voor pensioenverdeling. Vaak zijn er andere prioriteiten zoals de vaststelling van de alimentatie en het vinden van een nieuwe woning. Vroeg of laat zult u echter ook mogelijk afhankelijk zijn van pensioen, zodat wij de verdeling van de pensioenrechten altijd opnemen in de echtscheidingsstukken. Tijdens het opmaken van het echtscheidingsconvenant is een goede regeling met betrekking tot pensioenzaken dan ook altijd een belangrijk onderdeel.

7 redenen om niets aan je pensioen te doen!

Subhome_-_Wat_is_een_pensioengat_-_N_Video_-_categorie

7 redenen om niets aan je pensioen te doen

ING publiceerde eens een onderzoek waaruit bleek dat 75% van de Nederlanders het uitzoeken van hun pensioen uitstelt. Ik heb ooit eens 7 redenen gegeven om meteen met je pensioen aan de slag te gaan. Maar er zijn natuurlijk ook best redenen te bedenken om juist niets aan je pensioen te doen. Hieronder geef ik je er eveneens zeven. Bepaal vervolgens zelf maar wat het best bij jou past.

De overheid zorgt wel voor me

De overheid garandeert, met de AOW, altijd een minimum inkomen. Ik hoef daar niets voor te doen. Ik krijg dat automatisch, gewoon vanwege het feit dat ik in Nederland woon. Met een toenemend aantal ouderen zal de politiek altijd voor deze groep op blijven komen. Ik hoef me daar geen zorgen over te maken

De pensioenhervormingen houden het Nederlandse systeem wel overeind

Alle knappe koppen in Nederland buigen zich momenteel over ons pensioensysteem. We hebben een goed systeem en dit zal beslist zo blijven. Met de komende aanpassingen zullen we er zeker niet op achteruit gaan. Ik heb geen enkele reden om daar aan te twijfelen.

Anders blijf ik gewoon doorwerken


Mocht het toch nog tegenvallen kan ik altijd door blijven werken. Voor iemand met mijn kwaliteiten is er altijd werk.

Ik kan me goed aanpassen

Als ik mijn levensstijl om moet gooien heb ik daar geen enkele moeite mee. Dan ga ik toch goedkoper wonen? Of minder op vakantie?

Ik leef nu


Ik vind het onzinnig om te sparen voor later. Het is maar onzeker of ik er tegen die tijd nog ben. Daarom pluk ik de dag nu.

Ik heb geen last van een onrustig gevoel
Sommige mensen hebben last van een knagend stemmetje dat in hun oor fluistert dat ze toch hun pensioen eens uit moeten zoeken. Ik heb daar totaal geen last van. Ik denk ook niet dat het me rust brengt als ik weet dat mijn financiën op orde zijn. Ik ga liever een eind hardlopen.

Ik heb er toch geen enkele invloed op
Alles wordt op bestuurlijk niveau besloten en ik kan er zelf toch niets aan doen. Bovendien is wat vandaag wordt besloten morgen weer anders. En een eigen spaarpot zet evenmin zoden aan de dijk.

Zijn bovenstaande redeneringen op jouw lijf geschreven? Dan voel je je zeker gesterkt om jouw financiële toekomst op zijn beloop te laten. Heb je daarentegen toch twijfels? Begin dan met het opstellen van een pensioenplan. Het is echt niet zo moeilijk, je moet er alleen wel even voor gaan zitten. Een tip voor degenen die een stok achter de deur nodig hebben: zoek iemand die je kan helpen. Als je een afspraak hebt gemaakt, moet je wel en kun je er niet meer onderuit.Met mij bijvoorbeeld?

De vernieuwde pensioencommunicatie!

jipC

Communicatie over pensioen. Iets wat lastiger is, lijkt bijna niet te bestaan?
Iedereen in de “pensioensector” verzint van alles, want “de sector moet iets”. Natuurlijk: in Jip en Janneke taal geschreven, want anders begrijpt de (ex-) deelnemer het niet.
Om maar wat te noemen:
-websites met filmpjes;
-een Uniform Pensioenoverzicht;
-het pensioenregister;
-voorstellen over “pensioen 1-2-3”, om het maar visueel zichtbaar te maken.

Het kan bijna niet gekker. Zelfs de politiek maakt sinds kort gelijknamige wetten.
En Jip en ook Janneke heeft nog steeds geen idee en woont nog steeds “in de Petteflet” en dat pensioen dat zal wel.
Wat ik nog steeds de mooiste en meest simpele definitie van pensioen vind is: “het is geld voor later”.
Maar daar zit hem ook de crux volgens mij. Geld voor “later” willen wij ( nou de pensioensector) veelal voorstellen als “geld dat je nu gespaard hebt”.
En dan tig veronderstellingen, van wat het later eventueel, met tig voorwaarden en kleine lettertjes kan worden “later”….

Denk vooral niet na over beleggingstegenvallers, rente of inflatie na, nog even afgezien van de verhoging van de AOW-leeftijd.
En Jip tegen Janneke, of Janneke tegen Jip :”je zit toch in een pensioenfonds, nou het zal wel goed wezen en tegen die tijd hebben wij ook onze “Petteflet” afbetaald”.

En dat is eigenlijk wat ook Gerard Riemen, voorzitter van de pensioenfederatie zei bij het symposium bij Achmea. “Het interesseert me niet, ik ben toch deelnemer in een pensioenfonds”.
Maar ook in de discussie hoor ik termen als “pensioenbewustzijn” creëren, pensioen is niet sexy, hoe kunnen wij het sexy maken, voorbij komen?
En ik weet zeker Jip en ook Janneke vinden de pensioencommunicatie, die nota bene soms met de intentie wordt geschreven om in hun taal te spreken, nog steeds “pet”. Ook al wonen ze in de gelijknamige flat.

Het gaat erom dat ook de pensioensector zijn “pet” afneemt, weg van de complexiteit , want als we daarin werkzaam zijn: “wat zijn we er trots op, dat wij ook maar een klein deel van de complexiteit begrijpen”?
Maar in communicatie meer gaan richting: “het is geld voor later”, heel simpel, met alles wat daarbij hoort!

Jip en Janneke leven dan nog lang en gelukkig , ook na hun pensioen in de Petteflat, ook al is Annie MG Smidt precies ongeveer 20 jaar geleden overleden, maar ook zij kan dan trots zijn op dit vlak op Jip en op Janneke!

Meer kennis over pensioen noodzakelijk

Pensioen is een veelbesproken onderwerp, want er gaat veel veranderen. De discussie wordt echter veelal gevoerd door de politiek en de pensioenfondsen; deelnemers, maar ook werkgevers, zijn er te weinig bij betrokken. Dat is zorgelijk.”

Aan het woord zijn Robert Verboon en Robert Timmer, beiden pensioenexpert. Volgens hen moet de communicatie over pensioenen drastisch verbeteren. “Het overgrote deel van de pensioendeelnemers weet nauwelijks hoe een pensioen in elkaar zit.”

De nieuwe pensioenoverzichten zijn mooi, menen Verboon en Timmer, maar ze staan bol van jargon en geven geen zekerheden, slechts een indicatie. “Mensen willen betere informatie. Pensioenfondsen én werkgevers moeten daarvoor zorgen. Nu is die informatie vaak onduidelijk en een soort eenheidsworst. Communicatie kun je inhoudelijk en qua vorm diversifiëren: jongeren benader je anders, qua media en inhoud, dan ouderen. En je kunt mensen pro-actief in diverse levensfases, voor verschillende scenario’s, specifieke informatie verschaffen: wat betekent het voor mijn pensioen als ik ga scheiden, samenwonen of kinderen krijg?”

Kennis over de eigen pensioenregelingen ontbreekt vaak ook bij werkgevers. Pensioenfondsen moeten zorgen dat die werknemers uit kunnen leggen hoe de regeling in elkaar zit. “Een pensioen is een prachtige secundaire arbeidsvoorwaarde, ook al wordt die door velen als vanzelfsprekend beschouwd. Het is toch mooi dat je je werknemers kunt uitleggen dat je hun pensioenvoorziening goed hebt geregeld? Zo kun je je als werkgever onderscheiden. Met interne bijeenkomsten kun je mensen informeren en hen bewust maken van het belang zich te verdiepen in hun eigen pensioen. En zij kunnen weer terecht bij allerlei websites die onafhankelijke informatie geven over pensioenen. Vergroot je kennis, die plicht heb je als deelnemer, want het gaat wel om jouw inkomen.”

Daarbij kan ik je helpen! Of je kunt naar mijn gratis pensioenworkshop komen!

3 tips voor je pensioen

TIP 1 WEET WAT UW PLANNEN ZIJN

Het kan erg leuk zijn om alvast na te denken over de plannen voor na uw pensionering. En het is niet alleen leuk, om teleurstellingen te voorkomen is het ook noodzakelijk. In het verleden hoorde men vaak “als je 70% van je laatst verdiende loon ontvangt na je pensionering, dan zit je goed”. Veel mensen gingen en gaan er nog vanuit dat wel juist zal zijn. Maar het klopt niet meer. Hoeveel pensioen u nodig hebt, is sterk afhankelijk van uw plannen. U kunt zich voorstellen dat plannen voor grote en lange reizen een veel hoger pensioen vragen, dan bijvoorbeeld plannen waarin u veel tijd wilt besteden aan uw kleinkinderen. Vraag u daarom nu al af, wat straks uw plannen zijn. Aan de hand daarvan kunt u nu alvast bedenken en in kaart brengen hoeveel pensioen u straks ongeveer nodig hebt.

TIP 2 BEKIJK HOE U ERVOOR STAAT

Dit is wat lastiger te realiseren dan mijn eerste tip, maar daardoor niet minder belangrijk. Laat u straks niet verrassen door de hoogte van uw pensioen. Zoek, eventueel met behulp van een adviseur, nu al uit hoeveel pensioen u straks gaat krijgen. Dat kan bijvoorbeeld viawww.zowerktpensioen.nl. Door dit nu uit te zoeken, kunt u controleren of het bedrag dat u straks krijgt aansluit bij uw plannen (zie tip 1). Wanneer het niet aansluit, dan kunt u maatregelen nemen.

Let daarbij op dat het tegenwoordig bij veel pensioenregelingen mogelijk is om in de eerste jaren (bijvoorbeeld 5 jaar) van uw pensioen meer pensioen te ontvangen, om daarna met iets minder genoegen te nemen. Dit is bedacht vanuit het idee dat u de eerste jaren waarschijnlijk mobieler bent en dus meer zult uitgeven. Vraag bij uw pensioenuitvoerder na of dit mogelijk is.

TIP 3 DOORWERKEN?

Waar de één blij is dat hij met pensioen kan, vindt de ander het juist jammer dat het werkende leven ophoudt. Tegen die mensen wil ik graag zeggen: doorwerken is vaak ook een optie! Vaak kan er in goed overleg met de werkgever nog een tijd doorgewerkt worden, eventueel voor wat minder uur per week. Iets langer doorwerken betekent vaak een flink hoger pensioen. En er is eendoorwerkbonus die dit fiscaal nog eens extra aantrekkelijk maakt. Ook voor mensen die straks te weinig pensioen gaan ontvangen, is langer doorwerken een verstandige keuze.

pensioencommunicatie 1.1

Het is alweer bijna 2 jaar geleden dat Robert & Robert contact met mij opnamen voor het bouwen van een website over pensioen. Ik had met mijn bedrijf One Creation samen met Robert (Verboon) al een website gebouwd voor zijn Stichting en deze samenwerking was zo goed bevallen dat wij hier graag een vervolg aan wilden geven. Van het bestaan van pensioen (laat staan de communicatie daarover) wist ik voor Zowerktpensioen.nl als (moedwillig) onwetende zelfstandig ondernemer ‘uiteraard’ niets af. In de afgelopen 2 jaar is dit echter totaal veranderd. Ik heb tijdens onze reis door de pensioenwereld de meest uiteenlopende pensioencommunicatie voorbij zien komen en een aantal zeer interessante gesprekken over dit onderwerp gevoerd. Het feit dat ik als niet-pensioendeskundige op een andere manier naar deze communicatie kijk dan menig ander, heeft er toe geleid dat het mij nodig leek om mijn mening hierover eens op het scherm te zetten.

ONTWIKKELING

Overal om je heen, zowel in de wereld van communicatie als in het dagelijks leven, zie je allerlei producten een enorme ontwikkeling doormaken. Vroeger, bij mijn eerste aanraking met de computer, moest ik nog een wirwar aan commando’s in DOS invoeren om tekstverwerker WordPerfect op te starten, om vervolgens met ingewikkelde toetsencombinaties van mijn hopelijk nog werkende 5,25” floppy disk een tekstbestand te openen. Tegenwoordig klik ik op mijn in de cloud zwevende tekstbestand en opent deze binnen enkele secondes op mijn pc, laptop, tablet en/of telefoon.
Vroeger moest ik in de krant (als ik deze al kon vinden) opzoeken wat er komende week op tv zou zijn en moest ik maar gokken welke 4 zenders er op de tv waren ingesteld. Tegenwoordig druk ik op één knop op mijn afstandsbediening en komt er een digitale tv-gids in beeld. Sterker nog: met nog één druk op die knop kan ik deze programma’s nog direct opnemen ook.

Ondanks dat de mogelijkheden van dit soort producten enorm zijn toegenomen, is het gebruik van de basis mogelijkheden in de loop der tijd veel simpeler geworden. De basisfuncties zijn een stuk gemakkelijker, intuïtiever en sneller geworden. Om nog meer gebruiksgemak te creëren, worden verschillende producten steeds vaker gebundeld. Zo is mijn telefoon tegenwoordig mijn telefoon, notitieboekje, laptop, agenda, rekenmachine, puzzelboekje en afstandsbediening in één.

COMMUNICATIE

Waar in bovenstaande voorbeelden het gebruikersgemak van de basisfunctionaliteiten flink is gestegen, merk ik in veel communicatie dat eigenlijk precies het omgekeerde gebeurd. Van bijna alle soorten communicatie wordt tegenwoordig een 2.0 of 3.0 versie gelanceerd. Wat mij bij deze vernieuwde versies opvalt, is dat ze in gebruik en communicatie naar de consument eigenlijk allemaal complexer, onoverzichtelijker en daardoor ook tijdrovender zijn geworden. De basisinformatie wordt vaak over het hoofd gezien en communicatie raakt versnipperd over verschillende producten.

Ditzelfde zie ik helaas in de wereld van pensioencommunicatie gebeuren. Waar overal naar voren komt dat deelnemers zich geen raad meer weten in de wereld van pensioen en hierdoor de interesse kwijt zijn geraakt, vragen wij met allerlei complexe en uitgebreidere producten nog meer tijd en energie van deze deelnemer. Ondanks dat de deelnemer bang is voor zijn eigen UPO’s, verwachten we nu dat hij hier vervolgens mee gaat doorrekenen op de ene website en ook nog extra informatie gaat opzoeken op weer een andere.

DE TOEKOMST

Ik zou in plaats van pensioencommunicatie 2.0 dan ook willen pleiten voor pensioencommunicatie 1.1: een verbetering van de basis van pensioencommunicatie. Pas als de basisversie is geperfectioneerd, kunnen we gaan denken aan een nieuwe 2.0 versie. En hou het simpel! Ik heb al zo veel communicatieoplossingen verkeerd zien gaan door complexiteit zoals te uitgebreide rekenmodules, dure filmpjes, ingewikkelde animaties enz.

Bovendien lijkt het mij van groot belang om de krachten te bundelen! Zorg dat de informatie voor de deelnemer vanuit één centrale plek bereikbaar wordt. Zo weet hij altijd waar hij met zijn vragen en/of opmerkingen naartoe kan (dit is nu zelfs al een complexe opgave). Ik zie hier voor Zowerktpensioen.nl een mooie plek weggelegd en ik ga dan ook graag de uitdaging met de overige partijen aan om pensioen voor de deelnemer eindelijk weer begrijpelijk te maken!

Het shockeffect!

hocktherapie. Bij mij roept dat beelden op van een verward uitziende man die vastgebonden zit aan een operatiestoel, terwijl er electroden op zijn lichaam zijn geplakt. Om het beeld compleet te maken staat het haar van die persoon rechtop, waardoor direct duidelijk is dat er al wat stroomstoten door zijn lichaam zijn gegaan.

Shocktherapie is een gevoelig onderwerp. Er zijn veel mensen faliekant tegen deze behandeling omdat ze deze als “mishandeling” zien en niet in de resultaten geloven. De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie ziet het echter (uiteraard binnen de richtlijnen) als normaal medisch handelen. Internationaal onderzoek laat zelfs positieve resultaten bij deze vorm van therapie zien.

ROKEN IS DODELIJK

In de tabaksindustrie wordt tegenwoordig ook een vorm van shocktherapie toegepast. “Roken is dodelijk”: deze waarschuwing staat al jaren prominent op elk pakje sigaretten en shag. In Canada gaan ze nog iets verder. Tabaksfabrikanten zijn daar al jaren verplicht om, naast tekst, ook shockerende en confronterende afbeeldingen op de rookwaren te zetten. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat beelden nog veel beter helpen dan woorden: 1 beeld zegt meer dan 1.000 woorden.

Sinds het afbeelden van de foto’s is het aantal dagelijkse rokers met 40 procent gedaald in Canada. 19 procent van de ondervraagden zegt bovendien minder te zijn gaan roken. Het doel heiligt de middelen, is dan mijn conclusie.

PENSIOEN

Het lijkt mij dan ook interessant om te kijken hoe we van bovenstaande kunnen leren in de pensioensector. We klagen allemaal dat de consument niet geïnteresseerd is in pensioen. Ze lezen onze post niet, begrijpen onze regelingen niet en bekommeren zich niet om hun eigen pensioensituatie.

Misschien moeten we de communicatie rondom het onderwerp pensioen ook maar richting het shockerende trekken. Confronteer consumenten maar eens met de harde werkelijkheid van het niet regelen van de eigen pensioensituatie. Wat zijn daar de effecten van? Ik kan me hier prachtige visualisaties bij voorstellen.

En uiteraard hoeven we het niet alleen richting het negatieve te trekken. Toen ik voor het eerst hoorde dat er in een goed pensioenpotje per persoon zo’n € 300.000,- moet zitten, vond ik dit ook behoorlijk shockerend. Zo’n groot bedrag! Tja, dan wil ik er best een paar uurtjes (eventueel met een adviseur) in steken om te kijken of dit voor mij goed geregeld is. Het feit dat pensioen niet interessant is, kan ik dan best even naast me neer leggen.

DOEL HEILIGT DE MIDDELEN

Tegenstanders van mijn verhaal zullen zich wellicht afvragen wat deze shocktherapie met het imago van de pensioenbranche zal doen. Maar als het net zo goed werkt als in de tabaksindustrie, heiligt het doel dan ook hier niet de middelen? En zeg nu zelf, zo’n positief imago hebben we toch al niet…